Welke pluggen gebruik ik waarvoor?

Om schroeven te bevestigen in een wand heb je pluggen nodig. De keuze voor de juiste plug is afhankelijk van het type ondergrond. Een ondergrond kan brokkelig zijn of juist heel hard. Een plug geeft dan extra draagkracht aan wat je wilt bevestigen. Hieronder vind je alle pluggen op een rijtje en leggen we uit waar je ze voor gebruikt.

Pluggen voor een holle wand

Hollewandplug

De hollewandpluggen zijn enkel bedoeld voor montage in holle wanden, en zijn verkrijgbaar voor verschillende plaatdiktes. Je steekt de plug dichtgevouwen door het gat. Met een speciaal pennetje klap je het schaargedeelte uit achter de wand. Wanneer je vervolgens de schroef erin draait, klemt hij zichzelf vast.

Hollewandankerhollewandanker

Met een hollewandanker monteer je bouten in een holle wand. Je boort een gat met de grootte van het metalen plaatje, en steekt het plaatje door het gat. Vervolgens trek je de ring tegen de wand, en breek je de montagestrips af. Hierna kun je de bout in het anker draaien.

Gipsplaatplug

Een gipsplaatplug is kort en trekt zichzelf vast in de gipsplaat, in plaats van erachter. Door deze speciale montage is er maar weinig ruimte achter de gipsplaat nodig.

Isolatieplaatplug

De isolatieplaatplug wordt gebruikt om direct te bevestigen in isolatieplaten of hardschuimplaten. Je gebruikt ze bijvoorbeeld voor het bevestigen van buitenverlichting of een brievenbus.

Pluggen voor een massieve wand

Standaardplug

De standaardpluggen zijn geschikt om te gebruiken in bijna alle materialen. Na het boren zet je de plug in de muur. Wanneer je vervolgens de schroef erin draait, klemt hij zichzelf vast. De weerhaken voorkomen dat de plug gaat draaien, en door de diepe vertanding zit hij optimaal verankert in de ondergrond.

Alligatorplug

Een alligatorplug is te gebruiken in alle massieve materialen. Hij is uitermate geschikt om te gebruiken voor de bevestiging van bijvoorbeeld een handhoekhouder of trapleuning. Door de goede spreiding van deze plug heeft hij betere uitrekwaarden dan de standaardplug. Je kunt het beste schroeven gebruiken die net iets langer zijn dan deze plug.

Gasbetonplug

De gasbetonplug gebruik je in zachtere materialen, bijvoorbeeld in cellenbeton. Dit materiaal is wat poreuzer dan steen, waardoor je een speciale plug hiervoor nodig hebt.

Nagelplug

Een nagelplug wordt ook wel een spijkerplug of slagplug genoemd. Met deze plug boor je het materiaal direct in de muur. Hierna sla je met een hamer de nagel erin. Je kunt ze bijvoorbeeld gebruiken om plinten te bevestigen.

Duopowerplug

duopowerplug

Duopowerpluggen van Fischer zijn te gebruiken op alle ondergronden. Hiermee hoef je dus niet eerst te weten met welk materiaal je te maken hebt. Deze slimme plug past zich aan aan de wand waarin hij wordt bevestigd. In massief materiaal spreidt hij zich, en in een holle wand vormt hij een knoop.

Boren

Wanneer je de juiste plug hebt gekozen voor je klus, moet je ook de juiste boormethode kiezen.

Boren in cellenbeton, plaatwerk of hol metselwerk doe je met een gewone boormachine.

Voor ondergronden met een grove structuur, zoals baksteen gebruik je een klopboormachine.

Voor boorgaten in ondergronden met een dichte structuur, zoals beton of natuursteen, gebruik je een hamerboor.

  • Check voor je begint of er geen stroom- of waterleiding loopt op de plek waar je wilt boren.
  • Boor het gat met dezelfde maat als de plug. Zowel diameter als lengte moeten gelijk zijn. Alleen bij zachte materialen is het beste als het boorgat 1 mm nauwer is. Hierdoor blijft de plug namelijk beter zitten.
  • Je kunt eventueel de schroef in het gat steken om te controleren of je de juiste diepte hebt.
  • Zuig vervolgens het gat uit met een stofzuiger, of blaas erin. Je kunt hiervoor ook een blaasbalg gebruiken.
  • Nu kun je de plug in het gat plaatsen en vervolgens de schroef.

→ MEER ADVIES EN TIPS